online magazine

Les Secrets

Het werk van Frédéric Deschamps


Voici Frédéric Deschamps. Een ouder werk uit 2008. Een intrigerende tekening uitgevoerd met stylo, lijnen met een Rouault signatuur. Opvallend zijn zowel het nietige lege kleine kopje in het middenste midden als het grote volle karkas nabij de rand. Frédéric is in deze tekening en double. Dat is hij wel vaker in zijn werk. Hij is het bonkig type met bolle kop, sullige armpjes en potige benen. Hij is de figuur die het blad vult, secuur ingelegd met strepen en blokjes in een zwart-wit patroon. Hij is ook en vooral het kleine vermetel kopje. Je kan het inventieve patroon van lijnen en vlakken blijven taxeren, maar het kleine ding zuigt je toch onvermijdelijk naar binnen. Het is een dwingend klein gat aan het eind van een trechter waar je door moet om Frédéric te vinden. Een soort couloir of invitation infini. Je verdwijnt weifelend in een gat zonder einde. Le vrai Frédéric speelt hier zijn spel. Hij neemt je mee, laat zien, toont, veinst en dan is hij er weer niet. Parti! Exactement, zou hij breed glimlachend brommen in zijn bekoorlijk Frans.

De tekening zit gevat in een passe-partout met passende omlijsting. Netjes. Toen, in 2008, vond Frédéric het ‘comme il faut’ om zijn werk steevast te framen met pasraam en lijst. Later mocht het vrijer, het frame kon ook voorbij de lijst. Weg ermee. De tekening kon feitelijk een bouwsel worden. Daarvan zijn hier, in deze tekening, de kiemen te zien.

Un artiste riche

Frédéric Deschamps tekent, bouwt tekeningen zoals hierboven, schrijft en maakt grafisch werk. Schrijven doet hij weloverwogen. Hij neemt zijn tijd, hij verzint de verhaallijn en noteert woorden en zinnen. Schrappen komt er niet aan de pas. Frédéric houdt van ritmiek en repetitie. Een tekst gelijkt vaak op een mantra. Net zoals vele lijnen in tekeningen resonanties lijken.


Schrijven is immers typografisch, een letter is een vorm, een zin een lijn op een blad. Tekst opmaken en ordenen heet compositie.

Talig schrijven is voor Frédéric even goed (op)tekenen. Daarvan is hij zich altijd bewust. Schrijven is immers typografisch, een letter is een vorm, een zin een lijn op een blad. Tekst opmaken en ordenen heet compositie. Frédéric denkt erover na en voert uit zonder compromissen. Hij is -mag het gezegd- uitzonderlijk (en) conceptueel. Dat laat hij ook zien wanneer hij zich waagt aan keramisch of installatoir werk. Creaties waarin tekst, zijn schriftuur, geluiden en het vormgeven van een ruimte samenkomen. Af en toe integreert hij dit alles op een podium. Incorporeert hij het hele gamma. Hedendaags dansen of een theaterperformance op locatie, ook dat is Frédéric Deschamps. Un artiste riche et varié, niet?

Twee koppen



Fréderic, geboren met het syndroom van Down (°1977), woont net over de taalgrens in Celles. Hij woont er bij zijn vader in een grootse herenwoning uit een vorige eeuw. Frédéric heeft ook een tweelingzus en dat speelt. Als deel van een tweeling weet hij aan wie het leven geeft en van wie het neemt. Frédéric agendeert de twee(de)ling menigmaal in zijn oeuvre. Zoals bijvoorbeeld in het grafische werk met de drie koppen. Ze symboliseren perfect hetgeen hem zo biologeert. De twee vierkante koppen rijzend uit één pezig lijf, ‘c’est Frédéric’. De dame links, is zijn zus. Ze krijgt beauty en fijne looks mee, wellicht is ze afgebeeld op basis van haar foto of misschien wel een prentenboek. Zus en broer zijn geconnecteerd, gelinkt van kop tot teen, verbonden pour la vie. Tekenkundig laat Fréderic haar echter los. Hij wimpelt haar af. Het contrast tussen haar gelaat en de vierkant starende koppen is gigantisch. Met zus heeft Frédéric geenszins hommeles. The real struggle voert hij in zichzelf. In andere tweekoppige tekeningen is de zus niet present. Frédéric beperkt zich tot het tekenen van de tweespalt. Soms heel anekdotisch, tegengestelde emoties, ingepakt in sprekende hoofden. Het zijn niet zijn beste tekeningen. Maar doorgaans boeit de tweestrijd wel. Kleuren zijn manifest aan- of afwezig. Donkerte vecht met licht en heldere tinten. Symbolische vormen, antipoden zoals cirkels en puntige driehoeken ontmoeten elkaar. Vanzelfsprekend omringd door lijnen die zowel vorm als context representeren. Plat evolueert ook geregeld naar ruimtelijk werk, in keramiek, papier of karton. La dualité, zowat het leitmotiv voor Frédéric, wordt een universum dat hem voortstuwt en die ver voorbij Celles reikt.

Le changement

Dat Frédéric zijn beeldtaal abstraheert en nieuwe uitdrukkingsvormen verkent, heeft veel te maken met de lof die hem toegezwaaid wordt. Fréderic komt sinds 2001 drie dagen per week werken in kunstwerkplaats de Zandberg in Harelbeke. Onafgebroken ontwikkelt hij er in zijn eigen atelier zijn oeuvre.


Dat zijn werk nooit verveelt, puur en poëtisch is, tegelijk simpel en geknutseld oogt maar ook aanzet tot denken zijn commentaren.

Tentoonstellingen, projecten en performances spijzen intussen zijn CV. De jaren na 2010 leveren Frédéric allerlei prijzen op. Zijn werk is gerijpt en krijgt her en der ook een vaste stek, o.m. in het Luikse MAD musée. Eervolle vermeldingen en eremetaal volgen. Dat zijn werk nooit verveelt, puur en poëtisch is, tegelijk simpel en geknutseld oogt maar ook aanzet tot denken zijn commentaren. De belangrijkste plak komt er in 2013 wanneer hij de prijs Beeldende Kunst van de stad Harelbeke wint. Tot op vandaag zindert de prijs na. Het is een momentum in de loopbaan van Frédéric. De prijs laat hem ontdekken dat het kunstenaarschap meer mag zijn dan een fraai ingelijst beeld aan de wand. Le personnel primeert op een verkoopbare en aaibare vorm. Voor primus Frédéric geldt het als een eyeopener. Le prix donneert hem een vrijgeleide om zijn dualité ruim te exploreren.

Les secrets



In 2013 pakt Frédéric uit met zijn boîtes à secrets. Keramische dozen waarvan de huid betekend wordt. Lijnen en taal krassen zich in de klei. Het gegroefde membraan vertelt iets over de inhoud van de doos. Alleen is dat niet te zien. Maar wie de sculptuur behoedzaam optilt, hoort een geluid. C’est le secret qui bouge. Les boîtes in keramiek dupliceert hij ook in papier. Feitelijk zijn het grote en complexe enveloppes. Driehoeken, kantjes en grafische lijnen die hij manipuleert tot boîte of lettre.


In de fraaie gesloten omhulsels voegt hij schrijfsels toe over zijn angsten, over de dood van zijn moeder, over diegene die hij stiekem liefheeft, maar ook over wie hij haat.

Het zijn, in vergelijking met de keramische boxen, veeleer volumes met een decoratief vel in een blauw of zwart coloriet. Very light and touchable. Net daarin verstopt Frédéric intimiteiten. In de fraaie gesloten omhulsels voegt hij schrijfsels toe over zijn angsten, over de dood van zijn moeder, over diegene die hij stiekem liefheeft, maar ook over wie hij haat. Het contrast tussen vel en hart is nauwelijks groter te bedenken. Naarmate hij meer lettres maakt, mildert zijn toon.

Enveloppes zijn soms kleiner en nog kleurrijker. De kijker mag aanraken en zelfs even loeren. Maar grote geheimen zijn dan niet meer te vinden. Le double est disparu. Het is de ontmoeting en het spel die primeren.

J'espère que je serai a mon hauteur



Af en toe verlaat Frédéric zijn tekenpost en ruilt hij zijn besloten atelier in voor de publieke bühne. In 2010-2011 danst Frédéric mee in Le Sacre du Printemps, een hedendaagse bewerking van een moderne klassieker. Met zijn wat gedrongen en gebalde morfologie staat Frédéric voor fysieke en energieke dans. Force en présence.


In zijn familie bijvoorbeeld is hij het die mensen pleziert. Hij is de spreekwoordelijke nar op het feest

Recent, in oktober 2018, danst hij mee in de voorstelling D-effect van Lisi Estaras. Drie jonge danseressen en twee dansers met het syndroom van Down acteren er een absurde en poëtische voorstelling. In de voorbereiding zegt Frédéric meermaals dat hij hoopt op zijn best te zijn. J’espère que je serai a mon hauteur. Dat zijn stem hapert en hees is, doet hem twijfelen. Hij vreest niet te voldoen aan de verwachtingen van de choreografe, zijn medespelers, het publiek, en, van groot belang, zijn familie in de zaal. Frédéric heeft die uitgesproken wens om te voldoen, om te passen in het plaatje. Hij is daarom een crack in het ter wille zijn en het behagen. In zijn familie bijvoorbeeld is hij het die mensen pleziert. Hij is de spreekwoordelijke nar op het feest. Voor Frédéric gaat dit opleuken over het in de smaak willen vallen maar ook over omgaan met het verwachte fatsoen. Door zich in de laatste dansvoorstelling bijna naakt te tonen, appelleert hij alvast aan de grenzen van dit decorum.

De grote verdwijntruc

Eind 2017 spreekt Frédéric voorbijgangers toe in de Gavers. Putteke Winter, een jaarlijks nachtelijk evenement in het provinciale domein te Harelbeke, ontvangt honderden wandelaars. Ze ploegen zich voort door drassig land en takkenbossen om er verschillende kunstwerken te ontmoeten. Frédéric is fysiek niet aanwezig, maar zijn krachtige stem ruist er wel. Vooraf schrijft hij over het bos en over les animaux. In grote keramieken boxen, een variant op zijn eerdere boîtes, metselt hij tekst en geluiden in. De binnenkant laat hij spreken, op de buitenkant toont hij slechts flarden van wat hij zegt. In het nachtelijke bos, fijntjes uitgelicht, weet hij daardoor een verstilde en magische sfeer te scheppen.


Met verbijsterend gemak ontrafelt hij het thema in wonderlijke zinnen, ritmes en nuances.

In Memento 2018 is hij er wel. De derde editie van het woordfestival te Kortrijk focust op het thema verandering. Met verbijsterend gemak ontrafelt hij het thema in wonderlijke zinnen, ritmes en nuances. Met evenveel panache speelt hij er een amalgaam van betekenissen voor een klein publiek. Dat het goed was, blijkt uit kritiek en handengeklap. Memento biedt hem onverlet het vooruitzicht om ook in een volgende editie te performen. Daarenboven blijkt het thema van Memento 2019 Frédéric op het lijf geschreven. Met ‘spiegelbeelden’ komt zijn tweekoppigheid zo in het vizier. Wellicht neemt Frédéric deel. Hij laat ons op vandaag alvast weten even aanwezig te zullen zijn om daarna te verdwijnen… in de spiegel.



Dominique Nuyttens